Welkom bij The Beijing Project

Elke dag van de maand mei 2008 zullen op dit blog teksten en foto's worden gepubliceerd die te maken hebben met het 'Beijing Project' van Toos van Holstein.
Als artist in residence bij de NY Arts Gallery Beijing heb ik de gelegenheid een tentoonstelling te maken in één van de ruimten van deze grote galerie. Daar komen natuurlijk olieverfschilderijen van mij te hangen. Maar ook wil ik proberen om samen met een aantal Chinese kunstenaars een 8-tal grote banners te gaan bewerken waarop van te voren al elementen uit schilderijen van mij gedrukt zijn. Op die manier hoop ik een symbiose tot stand te brengen tussen de moderne Chinese en de moderne Westerse kunst.

Over mij

maandag 12 mei 2008


Dertien jaar geleden waren we voor het eerst in Peking en was daar net de eerste McDonalds geopend. Die moesten we toen uit nieuwsgierigheid natuurlijk wel bezoeken. Daarbij konden we constateren dat de toenmalige jonge en trendy Chinezen die iets meer te besteden hadden, een bezoek aan deze hamburger en frites tent als een heel speciaal uitje zagen. Vandaag waren we weer op ongeveer deze plek maar in een volledig andere stad op een geheel andere planeet. De enige overeenkomst was dat er overwegend mensen met een Chinees uiterlijk rondliepen.
Het was modern consumentisme ten top op de Wangfujing Dajie, DE winkelstraat van Peking (zie foto)! Op een grote Olympische reclame stond ‘impossible is nothing’ (zie foto). Hierin stond geen woord dat niet klopte. ’t Is werkelijk ongelooflijk in het kwadraat wat hier in zo’n 10 jaar is gebeurd. Er over lezen is één ding, maar het ervaren is iets geheel anders. Dat geldt vermoedelijk nog veel sterker voor de Chinese toeristen vanuit het achterland, die hier met busladingen rondlopen. Ze zijn duidelijk te herkennen aan hun petjes, hesjes en trouwens ook hun plattelandsuitstraling. De ene groep heeft rode petjes (foto), een andere gele en weer een andere witte. En ze lopen vaak ook nog achter een vlaggetje aan. Bijna Amerikaans zou je zeggen.
Opvallend is wel dat in veel grote reclames alleen met Westerse modellen wordt gewerkt (foto). Gelukkig staat aan het begin van de winkelstraat nog wel zo’n jong Chinees wachtje als decorum en uitvloeisel van het systeem (foto). Want stel dat er geen mensen in de shopping malls zouden rondlopen (foto), dan weet je dat je in een zeer luxe omgeving verkeert, maar waar? Dat is echt de vraag. Maar op straat zitten er gelukkig overal Chinezen te zitten, te praten en te eten, staan er nog steeds veel fietsen gestald en gebeurt het schoonhouden van de straat nog met, in onze ogen, primitieve karretjes (zie de diverse foto’s). En uiteindelijk ontbreekt ook de onvermijdelijke zwerver niet. Maar ik neem aan dat die tegen de tijd van de Olympische Spelen wel is verdwenen.



















zondag 11 mei 2008


Vandaag de opening om 3 uur! En vanmorgen kletterde de regen al vanaf 5 uur op het dak. Zoiets maakt enigszins nerveus, want regen is meestal niet bevorderlijk voor een amusante en druk bezochte vernissage. Gelukkig klaarde ’t zo rond een uur of één toch wel wat op en bleken de zenuwen uiteindelijk niet meer van belang. Het werd een drukke en geanimeerde middag met toch nog een barbecue buiten (want dat hoort er hier wel bij heb ik begrepen) en met een mix van bezoekers, waaronder een aantal buitenlanders en ook Nederlanders en natuurlijk wat nieuwsgierige Chinese kunstenaars. Ik laat de sfeerbeelden verder voor zichzelf spreken.






























zaterdag 10 mei 2008





Dit weblog is in feite geen dagboek te noemen. Er vinden tot nu toe elke dag zoveel verschillende gebeurtenissen plaats dat het beter is er hooguit een paar van te selecteren om over te vertellen. Anders zouden de verhalen veel te lang worden.
Vandaag wil ik me zelfs beperken tot één onderwerp, namelijk Brian Wallace. Wie is in godsnaam Brian Wallace? Die gedachte ligt, gezien de nogal onchinese naam, beslist voor de hand. Brian is dan ook geen Chinees maar een Australiër. Maar hij is wel een icoon in de Chinese kunstwereld en de eigenaar van één van de mooiste galerieruimten in Peking. Hoe is dat alles zo gekomen?

Toen hij als rugzakker in 1984 voor het eerst in China kwam, was er nog totaal geen naar buiten tredende moderne kunstwereld te bekennen. De traditionele kunst overheerste volledig. Moderne kunstenaars hadden ’t zelfs zeer moeilijk onder het toenmalige regiem. In 1986 keerde hij terug naar Peking en opende er een galerie, gewoon omdat de kunstscène in de stad nog helemaal geen podium had en hij vond dat de kunstenaars toch eigelijk geholpen moesten worden. Hoe hij het voor elkaar heeft gekregen om daarvoor gelijk één van de beste plekken te regelen weet ik nog niet, maar dat ga ik hem, als ’t kan, beslist een keer vragen. Tot nu toe kwam ik hem twee keer tegen, de eerste keer vorige week vrijdag bij een opening, de tweede keer vandaag bij een vernissage in zijn eigen Red Gate Gallery (zie de eerste foto hierboven) en tegen een derde keer heb ik beslist geen bezwaar. Hij is een namelijk een zeer aimabel man met zeer veel kennis van de intrigerende kunstwereld hier, waarover ik deze maand nog wel eens iets hoop te vertellen. Je kunt rustig zeggen dat alle Chinese kunstenaars die de laatste jaren zo booming zijn in de westerse wereld via zijn galerie zijn begonnen. En dat is toch wel heel bijzonder! Net dus zoals de plek van die galerie.

Die zit, inderdaad, in de Red Gate. Van de omwalling van het oude Peking is niet veel meer over, behalve een enkel stuk recent weer gerestaureerde muur en een aantal majestueuze, ook gerestaureerde toegangspoorten. Dat zijn echte torenachtige verdedigingswerken die van verre de vijand waarschijnlijk al ontzag inboezemden. In zo’n toren heeft Brian twee etages. Eén van de foto’s geeft hiervan een redelijke indruk.De tentoonstelling zelf, van ene Lu Peng, vond ik ook erg goed, vooral zijn werk op papier. Dit was modern en toch authentiek Chinees werk, gemaakt door iemand met een technische vaardigheid die weinig schilders in Nederland hebben, om je vingers bij af te likken.

vrijdag 9 mei 2008


Vandaag werden de banieren en de hier opgespannen olieverven opgehangen. Hoe zou dat uitpakken? Zou het beeld dat ik hier
over van te voren
in mijn hoofd had
gemaakt kloppen?
Hoe zou alles zich
met elkaar verhouden in die
tot 7 meter hoge
ruimte? Wel, beleef
't mee in de foto's.
Tekst lijkt me niet
nodig!